IndexHandbookMapGebruikerslijstRegistrerenInloggenGebruikersgroepenZoekenFAQ

Deel|

RADIOACTIVE ~ Faylice

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down
AuteurBericht
Banaan

avatar

Profile
Number of posts : 1356
Status : Active


Contact
BerichtOnderwerp: RADIOACTIVE ~ Faylice ma 5 aug 2013 - 21:19

Vestival
i'm sending you a message
De bomen vlogen aan mijn gezichtsveld voorbij, voor enkele seconden vastgepind aan mijn netvlies en daarna weer loslatend door de hoge snelheid die mijn lichaam bereikte. Mijn hart en longen werkten zich een slag in de rondte om mijn spieren en organen van zuurstof te kunnen voorzien. Lichte dampwolkjes kwamen uit mijn opengesperde neusgaten. Ook al galoppeerde ik al minstens meerdere tientallen minuten op dit tempo voort, toch vertoonde ik nog geen vermoeidheidsverschijnselen. Mijn bruin/witte lichaam was erop gebouwd om intensieve prestaties te leveren op lange afstanden. Bovendien, ik vond het heerlijk om de wind langs mijn oren te horen suizen en de prille ochtendzon te voelen op mijn gevoelige huid. Alhoewel, de afgelopen stressvolle maanden hadden wel hun tol geëist. Ik was enkele kilo’s afgevallen, waardoor mijn ribben lichtjes door mijn dunne zomervacht schemerden, evenals waren mijn lange karamelkleurige manen in een klittenbos veranderd. Niet iets waar je als bèta van rang één trots op kon zijn, een leider moest overigens gezond en sterk ogen.

Mijn hersenen seinden mijn benen tot stilstand, mijn blik gleed over het Minanter en de kudde die in de diepte van het dal rustig aan het grazen was. Ik hinnikte een keer luid om mijn aanwezigheid aan hun te tonen en draaide me daarna om en zette koers richting het bos dat achter me in de schaduwen verscholen lag. Dit keer hield ik mijn passen rustig en beheerst, zoals die van een ervaren kuddeleider. Ik genoot met volle teugen van de vogels die hun prachtigste liederen aan de wereld toonden, ze hadden en bepaalde kalmerende werking op mijn geest. Bij iedere ademhaling snoof ik de geur van de bloeiende flora en fauna om me heen diep in me op. Soms wenste ik dat iedere ochtend zo vredig en zorgeloos was als deze, helaas zou die wens waarschijnlijk nooit in vervulling gaan. Er waren duizend-en-één redenen die mijn perfecte ochtend konden verzieken, konden vernielen. Gelukkig waren er ook nog van die dagen waarop ik het mooie in het leven nog zag, al waren die dagen ver te zoeken vandaag de dag. Sinds ik voet in het land van de Blauwe Maan zette, had ik meestal enkel ellende, pijn en verdriet meegemaakt, maar ook liefde en hoop op een betere toekomst, want vanwaar ik vandaan kwam leefde geen hoop meer. Het dode, witte lichaam van mijn wijlen moeder stond nog steeds schrikbarend scherp op mijn netvlies gebrand. Aan de ene kant fijn, want zo zou ik haar nooit vergeten, maar aan de andere kant vreselijk omdat de mooie herinneringen die we deelden naar de achtergrond werden gepusht.

Deze zeldzame ochtend liep langzaam ten einde; de middag maakte zijn aanwezigheid bekend door de steeds hoger klimmende zon aan de blauwe hemel en de stijgende temperatuur. Ik besloot dat het binnenkort tijd zou worden om terug te keren naar de kudde, ik kon ze immers niet urenlang onbeschermd achterlaten. Maar eerst wilde ik nog één keer een korte ronde langs de grenzen van Minanter maken om eventuele gevaren voor de kudde uit te sluiten, je wist immers nooit wat voor gevaren hier allemaal op de loer lagen.

Tijdens mijn inspectie kwam ik wolvensporen tegen, en ze bleken vers de te zijn. Dit baarde me zorgen, wolven lieten zich immers zelden zien in deze streek, ze hielden zich meestal woonachtig in de kale bergen die aan Minanter grensden. Ik was er wel van op de hoogde dat de laatste maanden de prooidieren schaarser werden, en de wolven daarom op jacht gingen in dit gebied. Om het zeker voor het onzekere te nemen besloot ik het wolvenspoor te volgen. Ik spoorde mijn lijf aan tot een soepele draf en volgde behoedzaam het spoor, erop alert dat er ieder moment een roofdier uit het struikgewas kon springen. Een grijze schim schoot aan mijn neus voorbij, waardoor ik abrupt mijn draf onderbrak en tot stilstand werd gemaand. Twee goudkleurige ogen hielden me vanuit de schaduwen scherp in de gaten. Instinctief ontblootte ik mijn tanden, drukte mijn oren plat tegen mijn schedel en steigerde licht in de lucht. Een rilling van adrenaline schoot langs mijn ruggengraat. Ondertussen had de wolf ook stappen ondernomen, klaar voor de aanval zat het dier in elkaar gedoken op de grond te wachten tot ik een zwakke plek zou vertonen. Diep van binnen verbaasde het me dat mijn aanvaller alleen was, meestal vielen wolven hun prooi gezamenlijk aan.

Er waren vijf minuten aan me voorbij gevlogen, toen de wolf zijn aanval uitvoerde en naar mijn keel greep. Ik wist hem met een snelle beweging van mijn hoef af te weren, maar daarbij wist ik dat hij alleen maar agressiever werd. In de minuten die volgenden bleef de wolf me op verschillende plekken bespringen. Zijn scherpe klauwen haalden mijn gehele buik en nek zowat open, maar daarbij wist ik hem ook een paar fikse klappen te bezorgen met mijn maaiende hoeven. Ik hinnikte af en toe schel om het beest angst aan te jagen, hoog steigerend in de lucht. Uiteindelijk wist ik de wolf af te schudden door er vandoor te gaan in rengalop.

Bloed droop uit de verse wonden toen ik de kudde wist te bereiken. Bovenaan de heuvel bleef ik staan, mijn gebruikelijke positie innemend als de bèta. Vlammende steken van pijn schoten door mijn gehele lichaam als vlijmscherpe messen, en zwarte vlekken dansten voor mijn ogen. Toch hield ik me sterk, als leider kon ik geen zwakte tonen.

Terug naar boven Go down
Bo

avatar

Profile
Number of posts : 2551
Status : Active


Contact
BerichtOnderwerp: Re: RADIOACTIVE ~ Faylice wo 7 aug 2013 - 20:40


Haar ogen stonden fel, haar oren waren diepgevoelig, evenals haar instincten. Schimmen konden overal liggen maar dit keer wist ze dat ze er beter op voorbereid was, die ene paarsoog heeft haar goed gedaan. Nee niet Avanti maar wel Axis. De nonkel van, en zo duivels Avanti was, zo goed was Axis daarentegen. Ze had er spijt van gehad dat ze dat ene kleine momentje was geschrokken en had hem, als enigste levende wezen naast haar Ves, toegelaten en vertrouwen. Hij had haar verzorgd, maar meer dan dat, mentaal was ze drie keer zo sterk geworden en zonder hem zou dat alleen maar zijn afgenomen. Ze had anders naar haar vader gekeken, het begrijpen, zoals Axis dat bij Avanti deed kon ze nog niet aan, maar een vleugje acceptatie had zich in haar ziel geworpen en mengde zachtjes waarna het, nawaar de tijd verstreek, versterkte. Misschien zou ze hem ooit begrijpen, maar nu was het daar het moment nog niet voor. Nu haatte ze hem nog teveel om het ineens van zich af te zetten, maar de kuddepaarden kon ze begrijpen. Het was ook logisch, want hoe kon ze de kuddepaarden haten voor de angst voor haar, als ze zelf bang voor zichzelf was, zelf bang voordat ze een schim was. Maar dat waren allemaal schimmen van haar gedachten, haar paranoïde gedachten die haar tot wanhoops aan toe lieten denken aan om dit leven te verlaten. Nee, dat had ze achter zich gelaten, ze had het losgelaten en hoewel ze dat stukje nog steeds achter een slot had staan, het was niet meer achter slot en grendel.

Haar ogen streken over het gebied waar ze naartoe reisde, waarna er een vlinder voor haar ogen verschijnt, eentje die ze, een paar maanden eerder, nog had weggetrapt. Nu nam ze het aan, liet het zwabberen en genieten van het korte leven wat het met zich mee trok. Haar gedachten waren toe aan de hengst waar ze haar liefde aan toe had vertrouwd, de hengst die in het begin bang was voor merries en die ze hadden ontmoet in de ijzigste winter in tien jaar. Ze grinnikt even in haarzelf, dat zo'n hengst zo sterk is geworden, en nu zelfs de bèta van rang 1. De kudde had hem vertrouwd, en hij had hen tegen de schimmen beschermd. En ze had hem verboden om achter haar aan te gaan, als hij dat had gedaan dan was de kudde met de helft minder bescherming achter gebleven waardoor er zoveel meer slachtoffers zouden vallen. Bovendien werd ze altijd net in leven gehouden zodat hun verder konden met hun zieke spelletjes.

Ze had nu behoefte aan de hengst die half in het wit "gekleed" stond. En dat was haar bestemming geweest, alert op elke aanval van de schimmen, en ze begon ze te kennen, ze begon hun stilten te herkennen, ze herkende de geruisloze stappen die ze maken en ze herkende de sfeer die ze met zich mee brachten, de walgelijke geur die daar hing en de grenzen die Vyrantium omringde. Axis had haar ermee geholpen, en daar was ze hem o zo dankbaar voor. Even lijkt ze zich te ontspannen maar als een grommend geluid plaatst maakt voor de rustgevende stilte kijkt ze op. Een wolf. Zonder dat ze in paniek raakt, zoals ze normaal wel altijd deed, laat ze haar lichaam naar een sierlijke draf vloeien. Alleen dan hoort ze een hinnik die door merg een been gaat bij haar, een hinnik die uniek is, uniek in zijn soort en duidelijk schel klonk, eentje die agressief maar tegelijk ook angstig klonk, maar het zo karakteristieke was door het schelle heen niet aangetast. Vestival. Haar hoofd schiet nog verder omhoog en een luide hinnik verlaat haar mond terwijl ze in galop naar hem vliegt. Hem mocht niks overkomen, hij moest een kudde beschermen. Het mocht gewoon niet, maar ze was nog zover van hem verwijdert. Ze zet vol aan, en vliegt tussen de bomen door, bomen suizen voorbij en een mengelmoes van blaadjes, mos en takjes spatten op nadat haar hoeven weer krachtig af zette. De zuiverste galoppade die ze ooit had gerent, en toch ongelofelijk snel, ze moest daar komen, daar naar die plek.

Een opluchting glijd over haar hele, trillende, lichaam heen als ze de creperende wolf naar haar ziet grommen, maar de geur van een dood paard kwam nergens bij haar binnen. Haar hoef verpletterd het schedel van de wolf, hij zal het toch nooit redden en zo was er een einde aan zijn leven gekomen. Haar benen wilden verder en trokken haar lichaam mee. Eenmaal op de heuvels, het karakteristieke van het Minanter, snuift ze de geur op en ziet ze de silhouet die op dit moment alleen de kudde in de gaten houdt. Ze keek even over haar rug heen, de korsten zagen er niet uit, maar toch was het zo gezond als het maar zou kunnen in deze situatie, misschien zouden deze wonden niet eens littekens vormen. Het gat in haar manen kam was zo goed als bedekt, het gat wat Xariv vakkundig had gemaakt, en had gebruikt als handvat voor haar als ze weigerde nog meer een stap te zetten. Zo kon ze over de grond gesleurd worden. De krassen waren al bijna helemaal weg, sommige misten nog wat haar maar die zouden compleet herstellen, of het gat dat deed wist ze niet, maar ze liet haar hals om de dag even strekken en rekken zodat er geen blijvende kuil in haar hals te zien was. Niet heel veel later is ze op hoorafstand van de hengst waarvan ze zoveel hield. Nogmaals hinnikte ze, maar dit keer deed ze het zo karakteristiek mogelijk. Waarna ze een spurt nam, en nog voordat hij van plek kon veranderen raakte haar neus zijn schouders.

Haar ogen glijden eerst over zijn lichaam voordat ze in zijn ogen kijkt. En haar ogen vallen over de wonden die de wolf had aangericht. Verzuchtend duwt ze haar zachte neus over het bloed dat word verspreid over de vacht. Ze streelt zijn wonden zacht, wetend dat ze hier niks aan kan doen, maar ook dat ze niet levensbedreigend waren, hij zou hier nooit aan kunnen doodbloeden, zoals bij haar het geval was geweest. Maar ze beloofde zichzelf dat ze hier een sterk oog op zou houden, of hij dat zou willen of niet. En ze negeerde de angstige blikken die naar haar toe geworpen werden, ze kwam uit het schimmennest en hun wisten toch niet waarom zij hier was. Het tweede wat haar opviel waren de schaduwen, een paar schaduwen hadden zich geworpen midden op zijn buik, op de plek van zijn ribben. Het waren zijn ribben, en de schaduwen accentueerden dat. "Je bent afgevallen." Sprak ze zachtjes, liefdevol maar bezorgd, dat ze zelf geen enkel celletje vet op haar spieren had liggen maakte niet uit, zij zat in een andere situatie. Ze oogde niet mager, alhoewel ze dat wel was, ze had alleen tonnen spieren die dat deden verhullen, en wat wonden natuurlijk, maar die hadden al lang niet meer de overvloed. En op het moment dat ze haar woorden sprak keek ze de hengst aan, waarvoor ze even achteruit gestapt was, ze hoefde hem niet eeuwig aan te kijken, ze vertrouwde hem nou eenmaal en dat hoefde niet met oogcontact. Het liefst kon ze uren verdrinken in zijn ogen, maar ze moest op scherp blijven, ze trok schimmen aan, het was een feit en ze moest oppassen dat ze daardoor de kudde niet extra in gevaar bracht...




1252... whihi :3


MUHAHAHAHA
Terug naar boven Go down
Banaan

avatar

Profile
Number of posts : 1356
Status : Active


Contact
BerichtOnderwerp: Re: RADIOACTIVE ~ Faylice do 8 aug 2013 - 15:08

Vestival
i'm sending you a message
Het gekraak van plettend gras en licht gedragend hoefstappen maakten me erop alert dat iemand mijn positie vanaf de heuvelrug benaderde. Zonder mijn blik los te rukken van de grazende kudde in de diepte van het kleine dal, drukte ik mijn oren achterwaarts om beter op te vangen wie of wat zich naar mij verplaatste. Een hinnik gleed door het luchtruim, een hinnik die ik uit duizenden andere geluiden nog zo zou herkennen. Fay’s prachtige, zuivere melodie van klanken die naar mij werden gezonden. Mijn grote, gespierde lichaam draaide zich 90 graden naar links en zochten het paarskleurige lijf van de merrie waar ik zoveel van hield en die ik zoveel gemist had de afgelopen weken. Toen mijn ogen haar geregistreerd hadden, hinnikte ik laag van herkenning, kromde mijn hals licht en hing mijn tweekleurige ogen in de hare. Een hoorbare zucht vanuit haar richting, een vederlichte streling over mijn verse vechtwonden worden mijn richting uitgestuurd. ‘Je bent afgevallen.’ Waren de eerste woorden die liefdevol werden gevormd en zacht, met een bezorgd lint eromheen, in mijn gehoorgang waren gelegd. Een vertrouwde glimlach kroop aan mijn mondhoeken omhoog en pinde zichzelf vast aan mijn gezicht. ‘Ook fijn om jou weer te zien, Faylice.’ lachte ik smalend bij haar eerste woorden die ze mij gegund had. Ik trok mijn gezicht weer in een serieuze plooi, zo proberend te voorkomen dat de kuddepaarden dachten dat ik totaal niet mijn aandacht op hun veiligheid had gericht, maar op de wonderlijke merrie voor mijn witte snoet.

‘Zo, hoe gaat het met je? Ik zie dat je enkele wonden op je lichaam hebt..’ Halverwege mijn zin stopte ik abrupt, wetend dat weer een dergelijke stommiteit was van me. Vestival, Vestival, Vestival, altijd maar naar de feitjes vragend. Wanneer komt daar ooit verandering in?, spookte de stem van mijn moeder door mijn achterhoofd, niet gemeen maar ook niet liefkozend zoals haar stem altijd klonk.

Door die onderbreking van net waren mijn ogen afgedwaald naar het westen, in de richting van Seheron, de kale vlaktes die erom bekend stonden dat alle bannelingen en ex-schimmen daar voor de rest van hun resterende levens ronddwaalden. Een gevaarlijk gebied vrijwel zonder water en eetbare planten, weinig dus om fatsoenlijk te kunnen overleven. In mijn loopbaan als bèta van rang 1 heb ik gelukkig nog nooit één van mijn kuddepaarden hoeven verbannen naar dat vreselijke stekkie, maar ik wist dondersgoed dat die dag zich ooit zou voordoen en dat ik moest optreden als de harde leider zonder medelijden en medeleven, handelend volgens het boekje der wetten van BMH. Ja, het leven als leider was niet altijd mooi en rooskleurig, er waren ook tijden waarin ze hun levens moesten offeren om de weerloze te kunnen beschermen tegen het Kwade.

Mijn aandacht gleed langzaamaan weer terug naar Faylice. Ik droeg het gevoel met me mee dat ik voor urenlang er mentaal niet aanwezig was geweest, wat in werkelijk maar enkele minuten waren waarschijnlijk. ‘Sorry, ik was even afwezig met mijn gedachten daarnet.’ grapte ik flauwtjes, hopend dat de merrie het niet verkeerd zou opvatten of me voor ‘geestelijk niet in orde’ zou bestempelen. Het verbaasde me licht dat ik, op de één of andere manier, niet bepaald in staat was met haar op een normale manier te communiceren. Het irriteerde me evenals ook. Zo 1,2,3 kon ik de reden daarvan geen titel geven, maar diep vanbinnen had ik wel een vaag vermoeden waarom het zo gekomen was, alleen wilde ik het enkel niet bevestigen of ook maar in de verste verte toegeven. Ik zou me er schuldig voor moeten voelen dat ik tijdens Faylice’s korte afwezigheid met een andere merrie van de zonsondergang had genoten, iets wat ik met Fay had moeten ondernemen. De toffeekleurige merrie met de heterochrome ogen schoot als een flits door m’n ziel heen. Ik wist dat ik, op dat ene miezerige momentje toen, een raar gevoel had gevoeld, ook al kon je het niks noemen toch was het aanwezig geweest tijdens onze eerste ontmoeting.

Een gefrustreerde frons gleed over mijn gelaat, terwijl ik het zelf niet eens doorhad. Zo’n dergelijke frons gleed kreeg ik altijd als ik diep in mezelf teruggetrokken was, of aan het piekeren bleek te zijn. Tenminste, zo beschreef mijn moeder het altijd als ik eenzelfde status verkeerde. Ik was ook wel degelijk in tweestrijd met mezelf, mijn gevoelens om preciezer te zijn. Het zou niet eerlijk zijn tegenover Fay om de ontmoeting met Dahlai achter te houden, vroeg of laat zou ze er toch wel achter komen en dan had ik de poppen aan het dansen. Oké, ik zou het haar vertellen maar niet nu, een andere keer wanneer het moment gunstiger was.

De zon kuste mijn gewonde rug, liet het warm en aangenaam aanvoelen. Wat zou ik zonder de zon moeten? Ik keek weer naar de merrie voor me, liefdevol en warm, zoals ik altijd naar haar keek. Ik stapte naar haar toe, drukte en mijn hoofd tegen haar voorhoofd en fluisterde de vier betekenisvolle woordjes naar haar, ‘ik hou van je’. Mijn lichaam deed een stap achteruit na enkele seconden, ook al wilde ikzelf niet, als het aan mij lag had dit moment nog veel langer mogen voortduren. ‘Wat zou ik zonder je toch moeten.’ mompelde ik, meer in mezelf dan naar Fay toe, proberend dat ongemakkelijke moment van daarnet zo ver mogelijk weg te stoppen.

‘Ik heb je echt gemist,’ waren de laatste woorden die ik haar toestopte voor ik weer met mijn aandacht naar de kudde gleed.

Terug naar boven Go down
Bo

avatar

Profile
Number of posts : 2551
Status : Active


Contact
BerichtOnderwerp: Re: RADIOACTIVE ~ Faylice za 17 aug 2013 - 22:21


En in een flits was ze terug, terug daar waar alle nachtmerries werden gevormd, gecreëerd zoals hun het naar hun zin hadden. Hun. Die monsters, zielloze krengen, een persoonlijkheid zo zwart als de nacht en alleen maar gezind op de pijn van een ander. En van die mentale pijn genoten ze evenveel, misschien zelfs nog meer, om in een paard langzaam de barsten zien verschijnen en wat door een door breekt totdat het zachtste windvlaagje hen in elkaar liet vallen, als een hoopje stof. Een hoopje levenloosheid wat misschien qua vormen nog net paard genoemd zou worden. Al hun vernederende grapjes, al die macht die ze gek maakte en al hun smerige spelletjes. En daar stond ze dan, tegenover Xariv, de witte schim van het stel daar. Hij maakte een paar opmerkingen over haar Ves en loog keihard over het vreemdgaan van hem. Nee, daar zou ze nooit in trappen, dat was waar haar vader de mist was ingegaan. Ze vertrouwde hem zo, hij kon niet, het zou haar hart breken. Haar kleine tere hartje die al zo is aangetast. Een paar slagtanden vonden hun weg door haar zachte vlees en het bloed was al snel ter plaatsen. Na nog wat trappen viel ze bewusteloos neer op de grond. Hoe hard haar ziel, haar hersenen, zij, er ook voor vocht, haar lichaam bezweek onder de zware wonden. ‘Zo, hoe gaat het met je? Ik zie dat je enkele wonden op je lichaam hebt..’ Laat haar opschrikken. De enigste stem, naast Axis maar dat doet er niet toe, die haar terug kon roepen uit haar nachtmerries. En meteen voelt ze de ijskoude rillingen over haar ruggengraat lopen en voelt dat haar roan paarse lichaam zacht en langzaam wat nattig word van het zweet. Een momeltje loopt van haar lippen af waar het schuim langzaam zich begint te ontwikkelen.

En ze had het feilloos door, ze kon hem aanvoelen en hij was er duidelijk niet bij. Ze liet het even, een taak als leider is heel heftig, en hij moest de hele kudde nu in zijn eentje bestrijden nu de andere er niet meer was. En dat respecteerde ze, als er paarden gered konden worden behalve haar, zij was toch amper te redden, dan moest hij dat doen, zij moest ook niet bij de kudde gaan staan, het was veel te gevaarlijk voor alle andere paarden en dat wilde ze niet riskeren. ‘Sorry, ik was even afwezig met mijn gedachten daarnet.’ Was zijn flauwe grapje wat haar gevoel alleen maar bevestigde. Het enigste wat zij deed was haar lichaam zachtjes naar de zijne brengen en met haar neus zachtjes over zijn rug wrijven, hij mocht niks mankeren. Hij moest de strijd aankunnen en ze zou geen krasje toelaten op zijn al bijzondere vacht, laat staan die grote wonden.

Voor het eerst was de stilte tussen hen ongemakkelijk, voor het eerst voelde ze de geladen atmosfeer die tussen hun hing, en waarom? Ze voelde hem, ze kende hem maar toch was er wat wat dat verstoorde. Als de frons zich voordoet worden haar vermoedens groter, ze groeien als bacteriën dat doen in een broeierige zon. Snel, dat is zeker maar in dit zonnetje zou het genieten moeten zijn. Ze voelt hoe een tedere neus haar voorhoofd aanraakt, tussen haar ogen. Zo vertrouwd, zo eigen, geen enkel ander paard had dat gemogen, zeker nadat Xariv daar zijn neus op had gelegd. 'Ik hou van je" Waren de liefdevolle woorden van hem. "Zonder jou ben ik een roos zonder water, een zonnebloem zonder zon. Ik kan je nooit kwijt." Sprak ze in haar fluweel zachte stem zoals ze dat altijd deed als ze liefdevolle woorden sprak. Haar Arabieren lichaam had zich fier gehouden en de warme zomerzon leek voor altijd te blijven hangen op deze namiddag. ‘Wat zou ik zonder je toch moeten.’ Vulde hij haar aan, met zijn blik recht in de hare. Haar ogen verdronken altijd in zijn 2-kleurige ogen maar toch deze keer zat er wat in. Ondanks zijn gemeende woorden was er iets tussen hen en het was iets was ze vreselijk vond. Ze voelde alles, ze voelde bijna zijn pijn. En hij ongetwijfeld de hare. ‘Ik heb je echt gemist,’ Waren zijn laatste woorden aandacht naar haar toe voordat die weer gewijd was aan de kudde waarvan sommige nog steeds verbaasd opkeken naar haar. Het maakte haar niet uit, ze zullen vanzelf wel inzien dat ze hem niet deed vermoorden en dat ze goed was, maar ze gunde elk individueel paard de tijd die hij of zij nodig had om dat te accepteren. Te accepteren dat ze echt niks kwaads van zichzelf deed en er alleen maar was om te helpen. "Wat is er lief?" Waren haar woorden, maar ze hadden een scherp randje die de waarheid eisten. Want smoesjes prikte ze doorheen en leugens al helemaal. "Want er is wat." Sprak ze daarna, zacht, haar randje nog iets bijscherpend, die ze bij haar vorige serie woorden had gebruikt. Haar ogen stonden nog steeds liefdevol naar hem toe, maar toch ook bezorgd, er was wat en ze moest het weten.



850 Very Happy


MUHAHAHAHA
Terug naar boven Go down
Banaan

avatar

Profile
Number of posts : 1356
Status : Active


Contact
BerichtOnderwerp: Re: RADIOACTIVE ~ Faylice ma 19 aug 2013 - 19:05


‘waiting for the sunset’


Ik hield mijn tweekleurige ogen, oceaanblauw en mintgroen, krampachtig gericht op de doezelende kudde in de diepte vanaf de heuvel. Ik wist dat mijn afwezigheid niet onopgemerkt was gebleven de afgelopen tijd, zelfs de leden van rang één vroegen zich af waar hun leider steeds naartoe ging, ze stapten dan wel niet letterlijk op mij af om het te vragen, maar de blikken die ze me schonken als ik langsliep toonden genoeg informatie om hun vragen te achterhalen. ‘Zonder jou ben ik een roos zonder water, een zonnebloem zonder zon. Ik kan je nooit kwijt.’ Haar woorden werden liefdevol in mijn scherpe oren gelegd. Voor enkele ogenblikken liet ik mijn grip op de kudde zakken en draaide me om naar de merrie die alles voor mij betekende. Voor het eerst sinds haar aankomst op de heuvel keek ik haar diep in de ogen, weer liet ik me erin verdwalen, wegduikend voor alle problemen die ik tot leven had gewekt, de liefde intens voelend voor Fay. Het waren haar witte en blauwe ogen die me een nog dieper schuldgevoel bezorgden dan eerst. Hoe had ik ooit zo dom en egoïstisch kunnen zijn door gevoelens te koesteren voor Dahlai, terwijl voor mijn neus mijn grote liefde stond. ‘Ik hou van je,’ fluisterde ik, voor de tweede keer binnen tien minuten tijd. Ik begon in herhaling te vallen, alsof ik niks beters kon zeggen tegen haar.

Mijn ogen kregen een gepijnigde uitdrukking die niet leek te verdwijnen zonder de waarheid te hebben uitgesproken. Ik wilde het dolgraag aan haar uitleggen dat het allemaal een misverstand was geweest tussen mij en Dahlai, dat ik bij Fay wilde zijn en niet haar, maar op de één of andere manier kwam er geen normaal woord over mijn lippen, het lukte me gewoonweg niet. Ik, Vestival, de hengst die altijd sterke argumenten had en een goede spreker was, kon niet uit zijn woorden komen.
‘Wat is er lief?’ Waren haar woorden die me deden verlossen uit mijn eeuwige gepieker of ik het bekendmaken van de harde waarheid wel zo verstandig was, of ik dat ik er beter nog even kon wachten tot het goede moment daar was. Haar woorden hadden een scherp randje eromheen, betekenend dat ze een vermoeden had. ‘Niks,’ antwoordde ik gehaast, het zweet brak me zowat uit van de stress. Ik wist dat ze daarmee geen genoegen zou nemen, enkel de waarheid zou genoeg zijn. Mijn hoofd werd weggedraaid van de merrie voor me, richting de kudde. Sinds het onverwachte verdwijnen van Qzarina had ik, een soort van, de leiding over de kudde op mijn genomen. Ik was nog steeds bèta, maar ik droeg nu ook de taken van mijn leidster op mijn schouders, een proces wat me nog meer stress bezorgde, maar ik had plezier in mijn job.

Angstvallig probeerde ik mijn zicht op de kudde te behouden, emotieloos en gefocust, zodat ik me niet bezighield met Faylice. Het deed me pijn, ontzettend veel pijn, om me zo te moeten gedragen tegenover haar. Ze verdiende het niet om zo behandeld te worden, ze had een betere hengst voor haar nodig om voor haar te zorgen, geen vreemdganger zoals ik. Ik schrok me zowat dood, toen haar woorden als een naald door mijn luchtbel van gepieker doorboorde. ‘Want er is wat.’ Deze keer klonk ze nog scherper dan bij haar eerste woorden. Als ik haar de waarheid niet zou vertellen bestond er een kleine kans dat ik haar zou verliezen. Ik haalde diep adem en zuchtte onhoorbaar, draaide me om naar haar en begon te spreken. ‘Fay, ik wil het je wel vertellen, maar niet.. hier.’ Ik wenkte haar om te volgen. Mijn lichaam werd in actie gezet tot een rustige, beheerste stap, mijn weg volgend naar het bos achter mijn huidige positie. In het bos zou ik me veiliger voelen, waar geen nieuwsgierige oren waren die het konden horen, of tenminste daar ging ik dan vanuit.
Eenmaal in het bos, na een tocht van tien minuten stappen, stopte ik op een open plaats tussen de hoge sparren die Minanter rijk was. Ik ging er vanuit dat Fay me wel gevolgd was, dus draaide ik me niet om, maar begon gelijk met mijn verhaal. ‘Het gebeurde op de stranden van Orlais, we klommen naar boven richting de toppen van de kliffen om de zonsondergang te bekijken. Ik zweer, het was niet mijn bedoeling om meer te voelen voor haar dan vriendschap! Het kwam door het moment, de rode avondzon en de roosachtige geur die rond haar lichaam hing. Het deed me denken aan jou, en misschien is dat ook de aanleiding ervan geweest dat ik meer voelde voor Dahlai.’ Gek genoeg rolde alles heel beheerst over mijn lippen, maar de diep schuld hing in de lucht, als een donderwolk dreigend boven mijn hoofd. Ik keerde mijn lijf om en keek de roankleurige merrie diep in de ogen. ‘Het spijt me, Fay. Het had nooit mogen gebeuren. Ik weet dat je nu boos zult zijn, maar alsjeblieft, ik smeek het je, vergeef me.’ piepte ik zowat, niet in staat om het op een fatsoenlijke toon naar buiten te brengen. ‘Het was totaal verkeerd van me, ik had het moeten tegenhouden, maar blijkbaar ben ik toch zwakker dan ik besefte.’ Ik keek haar afwachtend aan voor een reactie.



882 woorden, kan wel een beetje warrig zijn, was er niet helemaal bij xD
Terug naar boven Go down
Bo

avatar

Profile
Number of posts : 2551
Status : Active


Contact
BerichtOnderwerp: Re: RADIOACTIVE ~ Faylice za 7 sep 2013 - 13:27


Haar ogen waren van ijzer geworden, terwijl ze het gedrag van de hengst tegenover haar analyseerde. Hij gedroeg zich niet zoals hij altijd deed, er was wat, en ze had het feilloos door. Er stond wat tussen hen, en het gevoel alleen al was vreselijk, hoe hij krampachtig zijn aandacht op de kudde vestigde, hoe hij leek te struikelen in zijn gedachten. Haar woorden maakte ook duidelijk impackt om hem en het maakte haar scherp, en die scherpheid deed haar denken met haar bezoekjes aan de schimmen, waarna de rillingen als een slang door haar rug heen gleden. Haar ogen wenden af van hem, van de hengst waar ze voor leefde, zonder hem had ze het opgegeven, of misschien ook niet, daar was niet over te oordelen aangezien de genen van haar vader duidelijk door haar ziel heen zaten verweven. Of dat goed of slecht was kon ze nog niet concluderen, alleen dat ze haar vader nog niet kon begrijpen, elke nacht spookte hij door haar nachtmerrie's heen. Elke nacht alleen al is een nachtmerrie zonder dat ze ook maar haar ogen dicht deed, laat staan dat ze probeerde te slapen. Het donker was haar vijand geworden, want zij zaten daar, zij zaten daar vanuit de schaduwen van BMH naar haar te kijken, te bespieden en uit te lachen. Genieten van deze situatie deden ze. 'Niks.' Was zijn woord naar haar toe, en op dat moment dwaalt haar hoofd weg naar de bossen. De scherpe woorden erna deden wat met Vestival, als ze één ding had geleerd in dat donkere hol was het wel het analyseren van paarden, zo kon het altijd al maar toch had ze het voor elkaar gekregen om dat te verbeteren.

‘Fay, ik wil het je wel vertellen, maar niet.. hier.’ De woorden waren bijna verlossend, haar ogen pinden zich in die van Vestival, maar ze kon er niet in verdwijnen, ze kon zichzelf niet geven, niet haarzelf loslaten en een potje gaan huilen, alle trauma's verwerken zoals ze dat altijd deed in zijn ogen. Dit keer waren haar ogen scherp, ze rook bijna dat er iets anders was, iets in de lucht wat er hing. Haar lichaam volgde zich verrassend genoeg niet automatisch maar een tel later besloot ze zelf om mee te lopen maar op de bosrand bleef ze staan, hij stond in het bos, en gooide haar hoofd omhoog. Niet vrijwillig wilde ze nog een pas dichterbij komen bij het schimmenhol, ookal was het nog zo ver weg. ‘Het gebeurde op de stranden van Orlais, we klommen naar boven richting de toppen van de kliffen om de zonsondergang te bekijken. Ik zweer, het was niet mijn bedoeling om meer te voelen voor haar dan vriendschap! Het kwam door het moment, de rode avondzon en de roosachtige geur die rond haar lichaam hing. Het deed me denken aan jou, en misschien is dat ook de aanleiding ervan geweest dat ik meer voelde voor Dahlai.’ Elk woord kwam beheerst aan en woord voor woord volgde ze. Haar hoofd had zich nog hoger gevestigd, terwijl haar ogen vochtig werden van het traanvocht wat automatisch volgde. Haar hoeven die haar droegen waren onzeker maar toch zette ze de passen achteruit. ‘Het spijt me, Fay. Het had nooit mogen gebeuren. Ik weet dat je nu boos zult zijn, maar alsjeblieft, ik smeek het je, vergeef me.’ waren zijn volgedne woorden, piepend, hij had schuld hij schaamde zich ervoor maar voor de merrie was het teveel, zij stond maand na maand te vechten voor haar leven, elke blauwe maan, soms met geluk eentje niet, maar die dagen waren nachtmerrie's. Ze leefde voor hem, maar hij was vreemgegaan. ‘Het was totaal verkeerd van me, ik had het moeten tegenhouden, maar blijkbaar ben ik toch zwakker dan ik besefte.’ En ze hoorde deze woorden amper, haar gedachten sloegen op hol en zo draaide haar lichaam naar de bergen van het minanter om daarna weg te sprinten. Zo hard als haar arabieren lijf dat aan kon terwijl de woede in haar ziel op kwam, terwijl ze niet lette op dat donkere deel, wat ze zojuist had losgelaten. Harder dan dat ze ooit gerend had. Haar hoeven nog steeds zo onzeker en na nog wat meters konden ook zij het niet meer aan. Over de kop sloeg ze, verblind van emoties voelde ze haar lichaam meegezogen worden in de zwaartekracht terwijl het in een klap zwart voor haar ogen werd.


738
ben benieuwt naar je post erop haha


MUHAHAHAHA
Terug naar boven Go down
Banaan

avatar

Profile
Number of posts : 1356
Status : Active


Contact
BerichtOnderwerp: Re: RADIOACTIVE ~ Faylice za 7 sep 2013 - 18:53


‘waiting for the sunset’


Als een angstvallig konijn stond ik daar tegenover de paarse roankleurige merrie, haar niet aankijkend omdat ik kortweg gewoon te laf was voor haar reactie. Ik bouwde als het ware een roze luchtbel rond mijn standplaats, mezelf voornemend dat haar antwoord minder hard zou aankomen, wat natuurlijk klinkklare onzin was. De ruige wind trok gewelddadig aan mijn blonde manen en liet de pijnbomen angstaanjagend kraken. Ik verzamelde al de moed die ik nog in me had en draaide langzaam mijn ogen naar de merrie om haar te kunnen zien. Mijn hart was al aan duizenden stukken gereten, maar toen ik op dat moment het vocht in haar ogen zag blinken, werden de stukjes vermenigvuldigd tot miljoenen kleine stukjes gebroken hart. Ze deed enkele stappen achteruit, instinctief wilde ik naar haar toe, maar mijn verstand vertelde me om dat niet te doen. Ik moest Faylice de ruimte geven om de klap te kunnen verwerpen, immers was ík de oorzaak van al haar pijn. Ik stond als versteend aan de grond toen ik haar zag omdraaien en wegsprinten in de richting van de bergen van Minanter, mijn blik net zo hard en ondoordringbaar als de grijze kei vier meter verderop. Ik ademde piepend in en uit, een paniekaanval verwoed onderdrukkend. Ik besefte het nu pas dat ik haar verloren had, dat ze me waarschijnlijk meer haatte dan haar schimmenvader. Bovenal was ze nu onbeschermd de bergen ingevlucht. Ik wilde achter haar aangaan, maar mijn benen weigerden een stap te zetten. Misschien moest ik haar gewoon alleen laten, zodat ze een nog grotere wrok tegen me kon ontwikkelen dan als ik nu achter haar was aangegaan. Ik wílde dat ze me zou gaan verafschuwen, dan was de pijn minder ondragelijk dan nu, dan hoefde ik haar verdriet niet te voelen zoals ik die nu ervoer.
De zon begon al langzaam achter de bomen te zakken, en nog steeds stond ik daar. Inmiddels waren mijn wangen nat van tranen die geruisloos over mijn huid rolden. Nog nooit in mijn hele bestaan had ik tranen de kans gegeven om vrij te wezen, tot op de dag vandaag. Het was dan ook een hele nieuwe ervaring om tranen te voelen. Verblind door zelfhaat spoorde ik mijn spieren aan tot een rengalop, niet wetend waar naartoe te gaan. Onbewust volgde ik het pad dat Faylice had genomen; haar hoefafdrukken die ze had achtergelaten, begonnen te vervagen met de uren. Donkere wolken pakten zich samen boven in de avondse hemel. Mijn heterochrome ogen werden gesloten en als een blinde rende ik langs een ondiep ravijn, in de hoop dat ik een misstap zou begaan en erin viel. Op dit moment was ik tot alles in staat om mezelf van deze onhoudbare pijn te verlossen. Ik had een fout begaan die ik nooit meer recht kon zetten. Mijn eens zo sterk ogende lichaam zag er afgetakeld en vermoeid uit, mijn lange manen klitte samen en mijn staart zat onder de bruine modder. Regendruppels vielen neer op mijn voortdenderende lijf. In de verte lichtte de donkere lucht op zo nu en dan, een teken dat er vannacht een zware onweersstorm opkomst was. Het weerhield me er echter niet van om Faylice te vinden en terug te keren naar de kudde. Ik moest én zou mijn merrie vinden. No matter what.
Mijn hart stopte met kloppen toen ik haar levenloze lichaam op de grond zag liggen, ik voelde niet eens de stromende regen op mijn doorweekte vacht. Automatisch remde mijn benen af tot abrupte stilstand. ‘Fay?’ fluisterde mijn gebroken stem hees. Een felle bliksemschicht boorde zich in een boom enkele meters verderop, de klap schoot door merg en been, maar deed mij op dat moment weinig tot niets. Het enige waar ik aan dacht was de bewusteloze merrie voor mijn hoeven. Ik wist dat ze niet dood was, merkbaar aan haar rijzende en dalende borstkas. Ik voelde me leeg vanbinnen, totaal op door wat ik vandaag mee had moeten doorstaan. Deze hele dag had voorkomen kunnen worden als ik me aan de gouden regel had gehouden die me vertelde om nooit vreemd te gaan. Ik had de regel bij wijze van spreken negeert en was in zee gegaan met een merrie waar ik nu een intense hekel voor voelde, maar aan de andere kant ook liefhad. Mijn liefde voor Faylice was vele malen sterker en realistischer dan de dromerige momenten met Dahlai. ‘Ik weet niet wat me bezielde, Fay, echt niet. Ik weet dat je me waarschijnlijk niet kan horen, maar weet dat ik meer van jou hou dan van wie dan ook.’ Voor het eerst sinds het uur van de waarheid had geklonken, probeerde ik niet sterk te klinken en alsof ik alles onder controle had. Zoute tranen vermengden zich met de neervallende regendruppels. Ik liep naar haar toe, legde mijn lichaam naast die van haar en drukte mijn hoofd op natte hals, mijn ogen sluitend. Het boeide me niet wat haar reactie hierop zou zijn als ze straks eenmaal zou ontwaken. Ik hield van haar en dat was het enige wat telde op dat moment.



846 woorden Very Happy
Laten we hopen dat Fay hem niet in elkaar slaat voor zijn actie op het eind xD
Terug naar boven Go down
Bo

avatar

Profile
Number of posts : 2551
Status : Active


Contact
BerichtOnderwerp: Re: RADIOACTIVE ~ Faylice wo 9 okt 2013 - 8:49



Het schimmengedaante voor haar liep nogmaals om haar heen, op die spottende houding zoals altijd, Fay zelf hield zich stand, het bloed drupte langs haar hals naar beneden toe van de wond van de tocht naar deze grot. De witte schim droeg haar bloed aan zijn tanden, die hij smakelijk aflikte, ze keek even weg bij het idee. "En waar is dat hengstje van jou nu dan?" Bracht de schim spottend naar haar toe, waarna hij haar aankeek. 'Die beschermt de kudde.' Waren haar bijtende woorden, nijdig draaide ze haar oren naar achter en hief haar hoofd. "Daar zou ik nog niet zo zeker van zijn, ik zag hem met een merrie het Orlais begaan.." Grinnikte hij. Nog nijdiger hief ze haar hoofd nog hoger en bracht kwaad 'Nee dat zou hij nooit doen.' Sterk in haar geloof, ze wist dat de hengst niks zou doen, hun band was zo sterk, de liefde niet te breken, nee echt niet, dat zou hij nooit doen. "Toch wel." Zegt de schim weer naar haar toe en niet veel later voelt ze de tanden soepel door haar huid heen glijden, evenals de pijn die er bij schiet. Ze schreeuwt nog eens om te hopen dat iemand haar hoort, het enigste wat ze ermee bereikt is de schim die spottend lacht. Maar toch blijft ze doorgaan.

Haar vacht was inmiddels nat geworden door de stromende regen, maar de schuimkoppen stonden op haar schouders en hals van de nachtmerries die ze elke keer weer had als ze haar ogen sloot. Een gil laat haar wakker worden. Beduusd van het feit dat ze niet echt in de vreselijke grotten was, maar hier, zonder schimmen. Het laat haar de pijn in haar ziel ook beseffen. Vestival had haar verraden, de schim had gelijk. Vanaf achter haar rug voelt ze warmte vandaan komen, evenals een zwaar hoofd dat op haar hals rustte. In een schok staat ze op vier benen, huiverig naar de hengst toe. En pisnijdig dat ze was. "Ik vechte daar, in die grotten, op het randje van leven en dood, wetend dat jij er zou zijn. En waar was je? Bij een andere merrie? Ik leefde voor jou, en jij veraad me gewoon?" Bracht ze al schreeuwend uit, waarbij het wazig werd voor haar ogen als opnieuw de tranen hun uitweg vinden vanuit haar lichaam in de regen. Een bliksemflits schiet langs haar in een boom, een oorverdovende knal volgt. De boom word met gemak in tweeën gesplitst waarna de ene helft met enorme kracht naar de grond word gezogen, naast Faylice, op nog geen halve meter afstand. Het interesseerde haar helemaal niks, misschien wilde ze wel onder de boom komen, misschien niet? "Wat is dit leven nog waard voor mij, elke maand weer ga ik door een hel, en jij staat daar zo leuk met een andere merrie. Klonk haar stem feller, sterker, woester. Haar ogen stonden strak gericht op de hengst, ze wist niet wat ze ermee aanmoest. Ze hield nog steeds van hem, ondanks dat het een klootzak was geweest, ze kon niet naar de schimmen gaan om te vragen hem te martelen, dat deed haar evenveel pijn als de situatie nu.

En nu? Moet ik maar van een kliff afspringen ofzo, ik weet het niet meer Ves. Je was mijn alles, en nu heb je me verraden, verraden toen ik het nog het meeste nodig had, toen ik daar zat, gevangen in de klauwen van de schimmen. Waar moet ik nu nog voor leven? Ik zal nooit weten of jij niet leuk nog eens met een andere merrie zit, en dan? Weerklonk haar stem, nog steeds witheet van woede en blind van de tranen, het intereseerde haar geen meter wat er allemaal van haar lippen vandaan kwam, ze was gebroken, uiteengescheurd. De enigste vaste grond was onder haar vandaan getrokken, en het enigste waar ze nu op stond was die van Axis...


654, wat minder als normaal, maar ach, ik hoop dat je er wat mee kan


MUHAHAHAHA
Terug naar boven Go down
Banaan

avatar

Profile
Number of posts : 1356
Status : Active


Contact
BerichtOnderwerp: Re: RADIOACTIVE ~ Faylice wo 9 okt 2013 - 19:41


‘waiting for the sunset’


Mijn gedachten bevatte enkel die haatdragende gevoelens jegens mijzelf; ik had haar hart gebroken, haar vertrouwen geschonden en als het ware weggegooid. Ik opende mijn tweetonige ogen, tilde mijn hoofd op en verschoof me een centimeter of drie van de roankleurige merrie vandaan. Mijn oren draaiden onzeker haar kant op, toen ze met de snelheid van een bliksemschicht opstond, haar blik nijdig mijn richting opgericht. ‘Ik vocht daar, in die grotten, op het randje van leven en dood, wetend dat jij er zou zijn. En waar was je? Bij een andere merrie? Ik leefde voor jou, en jij verraad me gewoon?’ Ik stond daar, doodstil en beheerst, niet in staat om me te verzetten tegen haar woorden die schreeuwend naar me gesmeten werden. Ik had dit dubbel en dwars verdiend na mijn domme actie met Dahlai. De ruige wind trok aan mijn karamelkleurige manen, sneed genadeloos langs mijn koude en gevoelloze gezicht. Een bliksemschicht boorde zich in een ongelukkige boom, met een alles overtreffende knal als gevolg die mijn trommelvlies deed huiveren, waarna de gevallen boom met een klap de grond raakte. Mijn benen tilden mijn doorweekte lichaam van het koude rotsachtige terrein, ik schudde de natte druppels uit mijn vacht en blikte haast emotieloos naar de merrie. Wat had het voor zin om haar al smekend terug te krijgen? Ik was een gigantische, onvergeeflijke fout begaan en ik zou daar voor moeten betalen, en zwaar ook. ‘Hoe zou ik jou bescherming kunnen bieden als ik niet eens wist waar je was?! Fay, ik had een kudde om te beschermen, en als één van de leiders compleet afwezig is dan de ander de volledige verantwoordelijkheid op zijn schouders nemen. Ik heb je nooit met opzet zulke pijn willen aandoen, geloof me alsjeblieft. Ik kwam naar je zoeken en toen ontmoette ik.. haar. Ik was wanhopig, Fay, wanhopig! Ik moest mijn frustraties kwijt aan iemand en zij was er toevallig op dat moment. Ik zweer dat ik nooit meer voor haar gevoeld heb dan die ene sparkeling die avond!’ Mijn stem sloeg enkele octaven later over de kop, terwijl ik wanhopig naar meer woorden zocht om het haar duidelijk te maken, tot haar door te dringen. ‘En ik leefde voor jou! Ik liet mijn gehele kudde in de steek, voor JOU! Iets dat ik niet kan bevatten is het feit dat jij naar Vyrantium bent gegaan, terwijl je dondersgoed wist dat je evil pappie en zijn schimmen daar in de schaduwen op jou hebben staan wachten! Als je bij mij en de kudde gebleven was, dan was dit nooit gebeurd.’ schreeuwde ik steeds woester en luider, hijgend omdat ik de woorden zowat uit mijn longen smeet. ‘Wat is dit leven nog waard voor mij, elke maand weer ga ik door een hel, en jij staat daar zo leuk met een andere merrie.’ Ik hoorde half aan hoe haar stem steeds woester en wilder werd. Het deed me op dat moment weinig, ik ervoer enkel mijn eigen woede en haat jegens haar domme actie door naar de schimmen te gaan, voor zover ik dat als roddels hier en daar had opgepikt dan. ‘En nu? Moet ik maar van een kliff afspringen ofzo, ik weet het niet meer Ves. Je was mijn alles, en nu heb je me verraden, verraden toen ik het nog het meeste nodig had, toen ik daar zat, gevangen in de klauwen van de schimmen. Waar moet ik nu nog voor leven? Ik zal nooit weten of jij niet leuk nog eens met een andere merrie zit, en dan?’ Haar stem drong eindelijk tot me door, witheet van woede, maar ook gebroken had ze geklonken. Ik wist het niet. Ik wist gewoon niet wat ik op dit moment moest doen. Ik draaide mijn ogen van haar strak kijkende blik af, diep in gedachten verzonken over de komende periode. ‘Praat geen onzin, Faylice. Je doet jezelf er echt geen plezier mee door jezelf nu van een klif te werpen.’ antwoordde ik nijdig, aangestoken door haar uitbarsting van zonet. Ik liet expres een stilte tussen ons vallen, terwijl de regen en onweer op de verre achtergrond door raasden. ‘I think we’re done.’ antwoordde mijn stem langzaam, me niet bewust van de vijf woorden die ik zonet had losgelaten. Misschien was het gewoon het beste als ik en Faylice elkaar voorlopig niet meer zouden zien, zodat we ieder onze pijn konden verwerken. ‘Ik bedoel, dit gaat toch niet werken zo? We zijn allebei het vertrouwen in elkaar kwijtgeraakt. Misschien waren we niet voorbestemt om samen te zijn…’ eindigde ik mijn zin, gebroken door het feit wat ik zojuist gezegd had. I’m sorry…


770
Terug naar boven Go down
Bo

avatar

Profile
Number of posts : 2551
Status : Active


Contact
BerichtOnderwerp: Re: RADIOACTIVE ~ Faylice do 10 okt 2013 - 22:26




Het leek alsof de onweer de aandacht wilde trekken van haar, de bliksem schoot steeds feller en sneller door de hemel heen, wel degelijk door het gezichtsveld van de merrie heen. In haar glazige oog reflecteerde het des te feller en het leek alsof beide ogen dezelfde kleur hadden, enkel voor een milliseconde maar toch. Haar gedachten raaskalde door haar hoofd heen, het interesseerde haar niks meer hoe of wat die donkere kant de intrede in dit gesprek maakte, waarschijnlijk deden ze dat wel degelijk, maar ze kon ze niet weg stoppen, heel haar leven had ze het krampachtig vastgehouden, en ze had gedacht dat dat voor altijd zo kon blijven. Nee dit was slechts een tijdelijk hoop die nooit de waarheid kon worden. Maar wat betekende het? Zou ze zo slecht worden als haar vader? Nee, of misschien zou dat gedeelte nog komen, haar hart was gebroken en al die manen bij elkaar hadden nog minder pijn veroorzaakt dan deze paar regels. Niks geen tanden die in haar vacht werden gezet, niks geen bekken die haar hals omhulden om haar mee te sleuren in het donkere gat. Niks, helemaal niks, hoeveel pijn ze toen had meegemaakt, het stelde niks voor met de pijn die ze nu had. ‘Hoe zou ik jou bescherming kunnen bieden als ik niet eens wist waar je was?! Fay, ik had een kudde om te beschermen, en als één van de leiders compleet afwezig is dan de ander de volledige verantwoordelijkheid op zijn schouders nemen. Ik heb je nooit met opzet zulke pijn willen aandoen, geloof me alsjeblieft. Ik kwam naar je zoeken en toen ontmoette ik.. haar. Ik was wanhopig, Fay, wanhopig! Ik moest mijn frustraties kwijt aan iemand en zij was er toevallig op dat moment. Ik zweer dat ik nooit meer voor haar gevoeld heb dan die ene sparkeling die avond!’ Zijn woorden maakte haar alleen maar bozer, ze werd normaal al boos als hij naar haar ging zoeken of had gezocht. Hij had een kudde om zich zorgen over te maken, zij kwam toch wel terug, die monsters speelden continu een spelletje met haar, ze zou toch wel in leven blijven. "Je beschermde mij door op je kudde te passen Ves, je was er, zo hield ik hoop. Maar waarom ben je überhaupt van de kudde weggegaan?!" Schreeuwde ze in haar plek, terwijl alle aderen op haar hals en schouders zichtbaar werden "Ik kom daar altijd levend vandaan, dat is het gore spelletje wat ze met mij spelen, snap dat dan." Was de volgende vlaag van schreeuwende woorden die van haar lippen af knalden.

Haar manen werden om de seconde een andere richting ingeblazen, alsof de storm nog meer impact probeerde te maken, nog meer aandacht probeerde te vragen. Tevergeefs. Maar zelfs haar extreem lange, krullende manen, die inmiddels stijl waren geworden door de regen en over de grond sleepten zo lang, werden omhoog geblazen. ‘En ik leefde voor jou! Ik liet mijn gehele kudde in de steek, voor JOU! Iets dat ik niet kan bevatten is het feit dat jij naar Vyrantium bent gegaan, terwijl je dondersgoed wist dat je evil pappie en zijn schimmen daar in de schaduwen op jou hebben staan wachten! Als je bij mij en de kudde gebleven was, dan was dit nooit gebeurd.’ Het liet haar bloed bijna koken, alhoewel de wanhoop in haar ogen geschreven stond. Ze had gelijk weerwoord op de woorden. "Ze kwamen me elke keer weer opzoeken, ik heb de kudde beschermd, als ik me niet had afgezonderd had de kudde zoveel meer gevaar gelopen, en jij ook. Ik zou dat jou nooit aan kunnen doen, ze pakken mij elke enkele blauwe maan weer, maar jij zou niet van de kudde weggaan Ves. Als er een kudde op het spel staat dan kies je niet voor mij als je weet dat ik er levend vanaf kom." Schreeuwde ze kwaad zijn kan op. "En hij is niet mijn pappie!" Schreeuwde ze er achteraan, zeer beledigd maar vooral woest, ze zat er al helemaal niet op te wachten op dat er iemand in zo'n situatie nog eens fijn benadrukte wie haar vader. Haar laatste woorden waren bijna sissend zo kwaad was ze op hem.

‘Praat geen onzin, Faylice. Je doet jezelf er echt geen plezier mee door jezelf nu van een klif te werpen.’ Waren zijn volgende woorden die ze bewust negeerde, er zat een grond van waarheid in maar ze kon het niet toegeven, daar was ze veel te boos voor. Intussen was haar hele hoofd nat van de regen, maar het was onder haar ogen doordrenkt van de tranen. Het zoute vocht had zich gemakkelijk gemengd met het regenwater, maar liet toch zijn sporen achter in de huid van Faylice. ‘I think we’re done.’ Sprak hij langzaam. En in een klap was haar hart in nog kleinere stukjes gebroken. In een klap voelde ze de steken vanuit haar hart doortrekken in haar ziel. ‘Ik bedoel, dit gaat toch niet werken zo? We zijn allebei het vertrouwen in elkaar kwijtgeraakt. Misschien waren we niet voorbestemt om samen te zijn…’ Waarna de steken groter werden. Met de snelheid van een bliksemflits die zich zo kort aan de hemel trotseerde draaide ze zich op en zette het op een rennen. "Fine!" Schreeuwde ze, duidelijk door haar tranen en wanhoop heen, maar nog steeds met de kwade ondertoon. Waar ze naartoe ging wist ze niet, maar ze wist dat ze in ieder geval niet meer hier wlide zijn.


914


MUHAHAHAHA
Terug naar boven Go down
Gesponsorde inhoud



Profile


Contact
BerichtOnderwerp: Re: RADIOACTIVE ~ Faylice

Terug naar boven Go down

RADIOACTIVE ~ Faylice

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
Blue Moon Horses ::  :: » Archive :: Minanter-
» CHATBOX